Cuadrilla Resources

Veelgestelde vragen

De voorgenomen winning van schaliegas leidt tot vragen over zaken als veiligheid en milieu. Deze proberen we hier zo goed mogelijk te beantwoorden. Wordt uw vraag niet beantwoord? Stel uw vraag dan hier

Grondwater

V.  Hoe groot is de kans dat het fracken leidt tot vervuiling van het grondwater?

A.  

Die kans is verwaarloosbaar doordat het  grondwater minder dan 300 meter onder het aardoppervlak ligt, terwijl de schalielagen waarin het fracken plaatsvindt, op meer dan 3500 meter diepte liggen. De scheurtjes die bij het fracken ontstaan, strekken zich nooit meer dan 70 tot 100 meter verticaal of horizontaal naar boven uit. Met andere woorden, er bevindt zich minimaal drie kilometer ondoordringbare steenlagen tussen het grondwater en de scheuren die ontstaan bij het fracken.

Ter hoogte van het grondwater voorkomt Cuadrilla lekkage van schaliegas of frackvloeistof via de wanden van de boorschacht door vier stalen mantels aan te brengen. In het geval dat bovengronds schaliegas of frackvloeistof wordt gemorst, wordt doorsijpelen naar het grondwater voorkomen door een ondoordringbare folie onder en rond het geasfalteerde boorterrein. Gecontroleerde waterafvoer (drainage) zorgt ervoor dat productiewater terechtkomt in een gesloten systeem waaruit het veilig wordt verwijderd. Een deel van dit water wordt gerecycled. Een gecertificeerd verwerkingsbedrijf verwerkt het water dat we niet kunnen hergebruiken.

Cuadrilla vindt dat het boren naar schaliegas vóór alles veilig moet gebeuren. Het is daarom goed dat de overheid een onafhankelijk onderzoek laat doen naar de mogelijke gevolgen en risico’s. We vertrouwen erop dat de uitkomsten van het onderzoek hierover duidelijkheid zullen verschaffen. Een vergelijkbaar onderzoek van de Engelse overheid heeft laten zien dat met passende maatregelen veilig naar schaliegas kan worden geboord.

Zowel voor, tijdens als na de proefboringen zullen we een monitoringsysteem voor het grondwater operationeel hebben. Er komt een extra waarnemingsput om eventuele lekkages te detecteren, ook na beëindiging van de activiteiten.

Lees hier meer over monitoring en controle.

Aardbevingen

V.  Ik heb gehoord dat het winnen van schaliegas aardbevingen kan veroorzaken. Hoe zit dat?

A.  

De praktijk laat zien dat in Noord-Nederland met enige regelmaat aardbevingen optreden die veroorzaakt worden door bodemdaling  die veroorzaakt wordt door gaswinning. Tussen 1987 en 2010 heeft het KNMI in Nederland meer dan 650 van dergelijke aardbevingen waargenomen. Het grootste deel daarvan heeft een kracht van minder dan 2,0 op de schaal van Richter en wordt door de meeste mensen niet gevoeld.
In 2010 zijn in Nederland meer dan veertig 40 aardbevingen geregistreerd.

Tijdens proefboringen is Cuadrilla alert op eventuele bewegingen in de ondergrond. Daarbij gebruiken we het zogenoemde stoplichtsysteem dat in de Nederlandse mijnbouw is ontwikkeld op basis van microseismische monitoring. Vóór de proefboring vindt een seismische analyse van de ondergrond plaats. Deze analyse geeft informatie over bestaande breuklijnen waarvan Cuadrilla wegblijft  tijdens het boren.

Bij het boren naar schaliegas is bodemdaling onwaarschijnlijk. Dit heeft te maken met de samenstelling van het  schaliegesteente. Verder zijn bij eerdere frackactiviteiten in de Nederlandse bodem geen bevingen zijn waargenomen. In totaal is er in Nederland zo’n 100 keer op land gefrackt.

Aardbevingen in Engeland

V.  Is het mogelijk dat in Nederland aardbevingen zullen voorkomen, zoals in het Verenigd Koninkrijk?

A.  

Onderzoek heeft aangetoond dat naar alle waarschijnlijkheid een verband bestaat tussen twee waargenomen aarbevingen (1.5 en 2.3 op de Schaal van Richter) en de frackactiviteiten op één van de locaties van Cuadrilla in Engeland. Deze bevingen hebben geen gevolgen gehad voor de omgeving. Eén van de aanbevelingen in het onderzoek is om bij het fracken weg te blijven bij grote breuklijnen. In Nederland brengen we voorafgaand aan de proefboringen de ondergrondse breuklijnen nauwkeurig in kaart.

Bij eerdere frackactiviteiten in de Nederlandse bodem zijn geen bevingen waargenomen. In totaal is tot nu toe in Nederland zo’n 100 keer op land gefrackt.

Bodemdaling

V.  Bestaat er kans op bodemdaling zoals in Noord-Nederland?

A.  

Bij het boren naar schaliegas is bodemdaling onwaarschijnlijk. Dit heeft te maken met de samenstelling van het  schaliegesteente. Schalie bestaat uit een dichte stapeling van kleimineralen die als plaatjes op elkaar liggen met minimale ruimte ertussen. De poriën en de verbindingen tussen de poriën zijn nauw. Schalie is dus eigenlijk al samengedrukt en weinig poreus. Hierdoor is schaliegesteente minder gevoelig voor inklinking dan de zandsteenlagen in Noord-Nederland.

Het Groningenveld bijvoorbeeld zit opgesloten in een zandsteenlaag van zo’n 100 meter dikte, op een diepte van circa 3500 meter. Zandsteen bestaat uit opeengestapelde zandkorrels met ruimtes ertussen. Als het gas er tussenuit is geproduceerd, worden deze ruimtes of poriën dichter op elkaar geperst door de 3500 meter dikke steenmassa die er bovenop ligt.  De ongeveer 100 meter dikke zandsteenlaag waarin het aardgas zat, wordt dan minder dik, en dat leidt tot bodemdaling.

Transport

V.  Hoeveel hinder van transport veroorzaakt de bouw van de boorinstallatie en het proefboren?

A.  

De aanleg van de boorlocatie duurt ongeveer acht weken. Daarbij is van maandag tot en met vrijdag sprake van aan- en afvoer van bouwmaterialen. Dit gebeurt overdag.

Naast de boortoren moeten ook andere tijdelijke voorzieningen worden geïnstalleerd, zoals generatoren, silo’s, tanks en containers die dienst doen als werkplaats, kleedruimte en kantoor.

Voor de opbouw en later het afbreken van de proefboorlocatie zullen in totaal ongeveer 560 transportbewegingen gedurende acht weken plaatshebben, gemiddeld 14 per dag.

Lees hier meer over de verschillende fases van de proefboring.

Landschap

V.  Wat doet Cuadrilla Resources om de aantasting van het landschap te beperken?

A.  

De proefboorlocatie is maximaal anderhalve hectare groot, ongeveer anderhalf voetbalveld. De boortoren heeft een hoogte van 30 meter. Cuadrilla bouwt de toren in maximaal drie dagen op. Daarna volgt het boren van de put, het fracken en het testen. Deze werkzaamheden gaan 24 uur per dag door en nemen ongeveer 14 weken in beslag. De locatie is ‘s avonds en ‘s nachts verlicht om veilig te kunnen werken. De verlichting wordt zoveel mogelijk ‘naar binnen’ gericht om de lichtoverlast tot een minimum te beperken. De generatoren staan in geïsoleerde containers zodat geluid naar buiten toe zoveel mogelijk wordt beperkt.

Op voorhand is niet precies aan te geven hoe vaak en hoe lang het fracken zal plaatsvinden. Dat hangt sterk af van de gegevens die we tijdens het boren verzamelen. Het fracken gebeurt overdag en duurt telkens een paar uur. In een periode van twee weken wordt een put ongeveer vier keer gefrackt. Het materieel voor het fracken bestaat onder meer uit een opslag voor water en zand, hogedrukpompen, een scheidingsinstallatie en leidingen.

Tijdens het testen verbranden we vrijkomend gas. Bij dit zogenoemde affakkelen gebruikt Cuadrilla een ‘omsloten’ fakkel om eventuele overlast naar de omgeving toe te beperken. Het affakkelen neemt enkele uren tot dagen in beslag.

Lees hier meer over de verschillende fases van de proefboring.

Overlast

V.  Treedt bij het boren geen geluidoverlast en lichtvervuiling op?

A.  

Zoals dat geldt voor alle booractiviteiten op land, bezorgen de aanleg van de locatie en de booractiviteiten de lokale bevolking overlast. De overlast is van tijdelijke aard. Als de vergunningen voor de proefboringen worden verleend, zullen we, in nauwe samenwerking met de gemeente, er alles aan doen deze tot een minimum te beperken.

Tijdens een proefboring gaat het werk gedurende ongeveer 26 weken 24 uur per dag door. De locatie is dan ‘s avonds en ‘s nachts verlicht om veilig te kunnen werken. Om de overlast tot een minimum te beperken is de verlichting zoveel mogelijk ‘naar binnen’ gericht. Tijdens het testen verbranden we vrijkomend gas. Bij dit zogenoemde affakkelen gebruikt Cuadrilla een ‘omsloten’ fakkel om eventuele overlast naar de omgeving toe te beperken. Het affakkelen neemt enkele uren tot dagen in beslag.

De aandrijvende apparatuur staat in geïsoleerde containers waar maximaal 50 decibel geluid door naar buiten komt. Volgens de normen van de overheid ligt dat op de ondergrens van het industrielawaai (ondergrens 45dBb, bovengrens 65 dBb). Ter illustratie: een haardroger of een wekker produceert gemiddeld 80 dBb, heien van betonpalen op een afstand van 150 meter geeft ongeveer 75 dBb. Een naaimachine en vaatwasser produceren bij benadering 60 dBb en een koelkast  50 dBb.

 

Lees hier meer over de verschillende fases van de proefboring.

Waterverbruik

V.  Hoeveel water is ongeveer nodig voor de boringen?

A.  

Cuadrilla gebruikt per boring gemiddeld 10.000 m3 water. Dat lijkt veel, maar bij twee proefboringen naar schaliegas per jaar, zoals bijvoorbeeld het geval zal zijn in Brabant, vormt het watergebruik minder dan één procent van de waterlevering door Brabant Water aan de zakelijke markt.

Met een goede planning en optimaal gebruik van het benodigde water zal het beslag op drinkwater beperkt zijn. Waterschaarste zal door de activiteiten van Cuadrilla dus niet ontstaan. Verder zal een groot deel van het water dat Cuadrilla gebruikt, worden hergebruikt. Slechts een deel van het afvalwater wordt afgevoerd en verwerkt door een gecertificeerd verwerkingsbedrijf.

Drinkwater

V.  Kan het drinkwater vervuild worden?

A.  

Het boren naar schaliegas levert geen risico’s op voor het grond- en drinkwater. Het boorproces wordt van het begin tot het einde gemonitord. Voor, tijdens en na de boringen worden monsters van de watervoerende lagen op samenstelling geanalyseerd. Deze intensieve monitoring borgt de  veiligheid van het grond- en drinkwater. Mogelijke incidenten worden onmiddellijk gemeld aan het Staatstoezicht op de Mijnen, zodat direct maatregelen kunnen worden genomen.

Chemicalien

V.  Gebruikt Cuadrilla Resources echt alleen de chemicaliën glutaaraldehyde en polyacrylamide?

A.  

Ja. Bij fracken pompen we een vloeistof onder hoge druk in de schalielaag om deze open te breken in millimetergrote scheurtjes. De vloeistof bestaat voor 99,85% uit water en zand, aangevuld met microscopische hoeveelheden van twee chemische stoffen: glutaaraldehyde, dat het productiewater bacterievrij houdt, en polyacrylamide dat helpt om het zand in de scheurtjes te brengen.
Glutaaraldehyde is biologisch afbreekbaar. Binnen 28 dagen is negentig tot honderd procent van de stof afgebroken. Er bestaat grote kans dat Cuadrilla glutaaraldehyde zelfs niet aan de frackvloeistof hoeft toe te voegen. In Brabant, bijvoorbeeld, zal tijdens de proefboring gezuiverd water worden gebruikt. Wanneer dit water voldoende bacterievrij is, is glutaaraldehyde om de frackvloeistof bacterievrij te houden, niet nodig.
Het milieu wordt beschermd door alle stoffen zorgvuldig op te vangen en overeenkomstig de afvalstoffenwetgeving te verwerken. Zo wordt de frackvloeistof die niet wordt hergebruikt, afgevoerd naar een afvalverwerker met een vergunning om dit soort afvalstromen te verwerken.

Vervuiling grond

V.  Hoe voorkomt Cuadrilla vervuiling van de ondergrond?

A.  

De boorinstallatie  staat op een betonplaat met daaronder een boorkelder. Het overige deel van de locatie is verhard met vloeistofdicht asfalt en omgeven met goten voor de afvoer van (regen)water dat naar een gesloten opvangbak voert. Al het afval/productiewater komt uiteindelijk in een afgesloten systeem. Na de bouw wordt de locatie geïnspecteerd. Bij goedkeuring wordt een ‘Verklaring Vloeistofdichte Voorziening’ afgegeven.

Blow-out

V.  Bestaat bij de boringen in Nederland kans op een blow-out, zoals in de VS?

A.  

De booractiviteiten zijn dusdanig beheersbaar dat de kans op een calamiteit vrijwel uitgesloten is. De risico’s zijn niet anders dan die bij de meer dan 3.000 boringen naar aardgas die in Nederland al ruim vijftig jaar plaatsvinden.

De technieken die bij de proefboringen worden gebruikt, zijn beproefd en betrouwbaar. Ook de technieken voor fracken worden al tientallen jaren in Nederland toegepast, bijvoorbeeld bij Ameland op de Waddenzee en, dicht in de buurt van Boxtel, bij Waalwijk.

Daarnaast  installeert Cuadrilla bovenin de boorput een zogenoemde blow-out preventer. Deze bestaat uit drie afsluiters die automatisch en handmatig de boorput afsluiten.  De afsluiters voorkomen uitstroom van boorvloeistof en gas. De afsluiters worden bediend volgens strikte procedures, met wekelijks een reguliere en elke drie weken een uitgebreide veiligheidscontrole.

Luchtvervuiling

V.  In de VS is bij schaliegaswinning veel methaan vrij gekomen. Hoe zit dat hier in Nederland?

A.  

In de Verenigde Staten is dat gebeurd, omdat het productiewater van het fracken dat terug naar de oppervlakte komt, vaak wordt opgevangen in open bassins. Hierdoor verdampt het aanwezige gas in de open lucht en komt er methaan vrij. In Nederland is dat niet toegestaan. Cuadrilla bij het boren en fracken gebruik van een gesloten systeem, waardoor geen methaan vrijkomt.

Duurzame energie

V.  Waarom investeert Cuadrilla in het opsporen en winnen van een fossiele brandstof en niet in duurzame energie zoals zon-, water- of windenergie?

A.  

Cuadrilla is gespecialiseerd in het opsporen en winnen van gas, niet in het ontwikkelen van herbruikbare energievormen. Vanzelfsprekend is Cuadrilla wel bereid de resultaten van de proefboringen te delen met partijen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van geothermie.
Schaliegas is, als aardgas, de schoonste van de fossiele brandstoffen. Voorlopig kunnen we niet zonder fossiele brandstoffen. Dat is ook de mening van de Energieraad die stelt dat aardgas  op dit moment de beste fossiele brandstof is in de overgang naar meer duurzame oplossingen. Het opsporen en winnen van schaliegas past in het kleineveldenbeleid van de Nederlandse overheid. Zo staat vermeld in het Energierapport van het Ministerie van Economische Zaken (2011):

“Het kabinet wil, in lijn met het Overlegplatform Gasrotonde, het volledige economische potentieel van de kleine velden benutten. EBN heeft in dit verband de ambitie geformuleerd om het huidige productieniveau van circa 30 bcm per jaar tot minstens 2030 te handhaven. Daarvoor is het nodig de productie van bestaande velden te vergroten, moeilijke velden te ontsluiten en nieuwe conventionele en onconventionele bronnen te ontwikkelen.”

Locaties

V.  Waarom heeft Cuadrilla de locaties in Boxtel, Haaren en de Noordoostpolder uitgekozen voor proefboringen?

A.  

In de ondergrond van Brabant en de Noordoostpolder bevinden zich schalielagen waarin naar alle waarschijnlijkheid grote hoeveelheden gas zitten. Deze schattingen van de mogelijke voorraden gas zijn gedaan door TNO na bestudering van bestaande geologische gegevens van de Nederlandse bodem. Aan de hand van proefboringen moet worden vastgesteld hoeveel aardgas er daadwerkelijk aanwezig is en of het economisch interessant is dit gas te gaan winnen.

Hoeveelheid schaliegas

V.  Hoeveel gas denkt Cuadrilla in Nederland te kunnen winnen?

A.  

Dat verwacht Cuadrilla te weten als de proefboringen zijn afgerond. Volgens TNO bevinden zich in de ondergrond van Brabant en Noordoostpolder, op een diepte van 3000 tot 4000 meter, schalielagen waarin naar alle waarschijnlijkheid grote hoeveelheden gas zitten, namelijk tussen de 200 en 500 miljard kubieke meter.  Ter vergelijking: Nederland verbruikt een kleine 50 miljard kubieke meter aardgas per jaar. Aan de hand van proefboringen zal Cuadrilla vaststellen hoeveel schaliegas daadwerkelijk aanwezig is en of het economisch interessant is dit aardgas te winnen.

Vergunningen

V.  De vergunning voor de proefboring in Boxtel is ingetrokken. Hoe ziet Cuadrilla de toekomst?

A.  

Voor de aanleg van een proefboorlocatie verleende de gemeente Boxtel ons eind september 2010 een bouwvergunning en een tijdelijke ontheffing van het bestemmingsplan. Op 25 oktober vorig jaar oordeelde  de rechtbank van ’s-Hertogenbosch dat Boxtel deze tijdelijke ontheffing ten onrechte aan Cuadrilla had verleend. Daarop trokken wij de aanvraag in.

Op dit moment laat het Ministerie van Economische Zaken een structuurvisie/plan-MER opstellen. Hierin wordt onderzocht welke locaties in Nederland het meest geëigend zijn voor eventuele proefboringen. Op die manier kan de minister daar een oordeel over vormen en komen vervolgens alleen locaties in beeld waarvan vooraf bekend is dat daar de eventuele winning van schaliegas het meest kansrijk is en waar de gevolgen voor natuur, mens en milieu het beste kunnen worden geborgd. Dit proces gaat naar verwachting het hele jaar 2014 duren.

Wij wachten  de uitkomsten van deze structuurvisie/plan-MER met belangstelling af. Afhankelijk hiervan nemen we een besluit over het indienen van een nieuwe aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning om proefboorlocaties te mogen bouwen.